Door het noorden van Thailand

30 december vanuit Bangkok
De trappers staan inmiddels stil. Gisteren hebben die voorlopig de laatste kilometers gedraaid door Bangkok. Niet mijn favoriete plaats om te fietsen, maar het was gelukkig ook nog geen 20 kilometer.
We hadden deze keer niet vaak zin om achter de computer te kruipen, vandaar geen uitgebreide verslagen.
Vanuit Pai zijn we richting Maehongson gereden. Berg op, berg af, berg op, berg af, heel groen in dat gebied. Je ziet de wegen vaak niet lopen omdat het bos zo ontzettend dicht is. De uitzichtspunten zijn zeldzaam, maar de uitzichten die er zijn, zijn geweldig.
Maehongson is een leuke plaatsje. We dachten dat het redelijk hoog zou liggen, maar dat was niet het geval. De plaatsen liggen eigenlijk allemaal in een dal. We hebben daarvandaan ook twee plaatsen bezocht: Ban Rak Thai (Thai Loving Village, ja, ja, daar wonen allemaal Chinezen), dat ligt heel mooi net van de Burmeze grens af. De Chinezen die er wonen zijn gevluchte leden van de Kuomintang, die via Burma in Thailand terecht zijn gekomen.
En vandaar zijn we ook nog naar Pang Aun gereden, een mooi reservoir, dat de Thai zelf klein Zwitserland noemen. Dit waren twee mooie plaatsen. Waren ook eigenlijk de heftigste klimmen, hoewel we alles niet meer zo steil vonden na de klim Doi Ang Kang op. Misschien dat het maar goed was, dat we daar mee begonnen zijn...........
Maar voordat de bergen hier eigenlijk helemaal niet echt hoog zijn, zijn de wegen toch redelijk steil. 1100 meter omhoog op nog geen 10 kilometer, dat is toch een heftig stukje.
Na Maehongson zijn we doorgereden naar Mae Sariang. Dat is niet zo'n spannende plaats. Het ligt wel erg mooi aan een rivier.
Voor deze tijd van het jaar was het nog erg warm, maar we merkten de laatste twee weken dat er in de ochtend meer mist ontstond en dat het 's avonds beter afkoelde. Het is ook voor het eerst dat we het lekker vinden in Bangkok. Het is namelijk niet zo klam en benauwd, erg prettig.
Na Mae Sariang twijfelden we even om toch terug te gaan naar Chiang Mai en dan nog even wat strand mee te pikken, maar we besloten om toch door te rijden richting Mae Sot. We zijn blij dat we dat gedaan hebben, dat hoort zeker bij de mooiste stukken die we gefietst hebben. Ze vinden het hier het 'cowboyland' van Thailand. Het is redelijk ongerept en er is heel weinig. We hebben zelfs een stuk van 80 kilometer gefietst zonder een shop tegen te komen, dat is echt uniek in Thailand.
Maar het is dus een heel mooi,ongerept stuk. Er wonen heel veel vluchtelingen. De laatste dag naar Mae Sot kwamen we langs een vluchtelingenkamp, dat was ruim 3,5 kilometer lang en er schijnen zo'n 80.000 Burmezen te wonen. Dat was erg indrukwekkend. Ik heb het nog nergens zo vol bebouwd gezien als daar. Maar de mensen blijven aardig, vriendelijk, blijven lachen. Ik vroeg me af hoe ik onder zulke omstandigheden zou reageren.
De grens in Mae Sot was nog steeds gesloten, want er zijn in Burma nog steeds problemen sinds de verkiezingen. Dat was jammer, anders waren we een dagje Burma in gegaan. Hadden we ook onze visum kunnen vernieuwen.
We zijn toen nog via Tak naar Kamphaeng Phet gefietst. Niet de spannendste rit meer. De laatste plaats is een klein Sukothai, wel leuk. Alle tempels liggen daar in een bos, leuk om doorheen te fietsen. En vanuit Kamphaeng Phet hebben we de bus richting Bangkok genomen.
En hier genieten we van de laatste dagen van de vakantie. De fietsdozen staan klaar, fietsen worden morgen gepakt en dan stappen we 's avonds in het vliegtuig om daar Oud en Nieuw in door te brengen.
 
Een korte samenvatting:
28 fietsdagen
2278 gefietste kilometers
25.000 overwonnen hoogtemeters
115 kilometer voor de langste fietsdag
38 kilometer op de kortste fietsdag
0 lekke banden
erg veel gegeten kilo's bananen
67 kilometer per uur heeft Japs als hardste gereden
27 % voor de steilste klim
 
Gereden route: 
Chiang Mai-Chiang Dao-Ban Arunothai-Ban Khum (Doi Ang Kang)-Thaton-Mae Salong-Mae Sai-Chiang Saen-Chiang Rai-Phayao-Chiang Muan-Phrae-Lampang-Chiang Mai-Samoeng-Soppoeng-Pai-Pang Mappha-Maehongson-Mae Aw-Maehongson-Khun Yuam-Mae Sariang-Mae Ngao (nationaal park)-Mae Salit-Thasongyang-Mae Sot-Tak-Kamphaeng Phet 
 
Allemaal een goed uiteinde en tot 2011!
 
 
12 december vanuit Pai
We zitten in Pai. Waar ligt dat dan? Toch niet op weg naar Vietnam? Nee, dat klopt. We zijn tot nu toe in Thailand gebleven. Het is hier makkelijk reizen, goed eten, goede accommodatie. En het noorden is mooi, we kenden dit ook nog niet goed.
 
De vorige keer waren we in Chiang Rai. We zijn vandaar uit terug gereden naar Chiang Mai. Een lange route genomen over vooral binnendoor wegen, want de hoofdwegen zijn hier erg druk. Via Phayao, dat aan een groot moerasgebied ligt. Door naar Phrae, dat wordt het Luang Prabang (plaats in Laos) van Thailand genoemd. Nou, het kan zeker niet tippen aan Luang Prabang, maar het is een leuke kleine stad met oude stadsmuren en oude koloniale huizen. Dat zie je niet vaak in Thailand. Toen Lampang, dat vinden wij een erg leuk stadje. Geen hoogbouw, veel groen, veel bloemen en vooral een prettige sfeer. Hier waren we al eens eerder geweest.
 
Vanuit Chiang Mai zijn we eerst richting Samoeng gereden, een vallei in de buurt van Chiang Mai. Eergisteren via de Mae Sa-vallei, die erg mooi is, terug gereden. En de bergen zijn hier niet heel erg hoog, maar het gaat allemaal goed op en neer.
 
Nu zijn we bezig met de MaehongSong-loop. Een ronde van ongeveer 1000 kilometer met 1864 bochten, vooral haarspeldbochten. En daar hebben we er gisteren al heel wat van gehad. De route loopt voor een groot deel vlak langs de grens met Burma.
 
We hadden gelezen dat op de eerste dag andere fietsers ergens geslapen hadden. Wij daar heen. Bleek het niet meer te bestaan, kan gebeuren. Werden we een eind terug gestuurd. We belandden bij een stel onderwijzers uit Chiang Mai, die bezig waren met een resort te bouwen. En een geweldig vriendelijk stel.
 
En gisteren zijn we naar Pai gereden. We mochten het eerste deel van de 1864 bochten gaan rijden. En we hebben er al heel wat van volbracht. Weer een echte klimdag. Heel groen, gelukkig niet heel erg heet, want het was bewolkt. Dat scheelt een hoop energie! Voor dat de bergen hier eigenlijk helemaal niet zo heel hoog zijn, zijn de wegen toch redelijk steil. Gisteren was de hoogste top net boven de 1400 meter, zeker niet extreem, maar het blijft hier maar op en neer gaan.
 
Wat minder leuk was, wat dat er ook heel veel verkeer was. Dat hadden we niet echt verwacht, maar Pai is momenteel een heel erg populaire weekendbestemming voor de Thai zelf. Er zijn hier de afgelopen jaren twee heel populaire films opgenomen en sindsdien zit het hier gigantisch in de lift. En wij hadden er niet aan gedacht dat het nu weekend is en het is nog een lang weekend ook, want de vrijdag was een nationale vrije dag. Wij fietsen hier dus in het drukste weekend van het jaar................ Niet zo heel handig dus. Gelukkig verspreid het verkeer zich in de bergen. Er reden ook heel veel jongeren op brommertjes met een tentje op de rug die dan voor een weekend naar Pai gaan.
 
En gisteravond leek het hier wel zo druk als in Bangkok op de weekendmarkt. Eigenlijk net iets te veel mensen.
Wel een rustdag hier. Jasper moet ook nog wat dingen uitzoeken voor de fiets, want hij heeft wat speling op zijn achterwiel. De geplande rustdag kwam ook goed uit, want vanmorgen hebben we ook de eerste regen gehad van de reis., dat is om te fietsen toch altijd minder geslaagd.
 
Morgen willen we verder richting Pang Mappha (Soppong). Zo ver schijnen de Thai zelf niet te komen, dus daar zal het weer een stuk rustiger zijn.
 
 
2 december vanuit Chiang Rai
 
Inmiddels zijn er heel wat zweetdruppels in de buff van Jasper verdwenen. Het is hier warm!
Ja, wij gaan echt niet klagen nu ik net het weer in Nederland bekeken heb!
 
Zo'n 10 dagen geleden kwamen we aan in Chiang Mai. De lucht hing vol kleine ballonnen vanwege het lichtjesfestival. Overal hingen lantaarns en alle tempels waren mooi versierd. Dat was een leuk welkom.
Daar zijn we twee dagen gebleven, fietsen in elkaar gezet, boodschappen gedaan en toen konden we op pad.
 
Via Chiang Dao wilden we Doi Ank Khang op. Dat leek ons een mooie alternatieve route en we zouden gelijk wat klimmeters in de benen krijgen. Dat hebben we inderdaad.
 
Maar eerst nog wat anders. We raakten elkaar kwijt. Als er eentje voorop rijdt, stoppen we normaal gesproken bij een afslag. Dat deed ik deze keer dus niet, we waren net gestopt en ik dacht, kan niet missen. Dat kon dus wel. Na zo'n 7 km vond ik het toch wel vreemd dat Japs me nog niet had ingehaald. Jasper bleek bij de afslag in de verte iemand met een zwart shirt langzaam de berg op te zien gaan. Dat had ik dus kunnen zijn. Jasper daar dus achteraan. En zo liepen we elkaar dus compleet mis. Echt drie uur bezig geweest om elkaar we terug te vinden. Tegen mij zeiden ze, ja, we hebben een man op de fiets gezien, daar veel verderop.......... En zo ging dat tegen Jasper ook. Ondertussen was ik in ieder geval redelijk opgefokt geraakt en ik had besloten om naar de politie te gaan. Ik had al allemaal tegenliggers aangesproken, chauffeurs van busjes, postbodes. En uiteindelijk zijn er ergens wat telefoontjes gepleegd en konden ze ons weer bij elkaar brengen. Ik zal dus niet snel zomaar doorrijden bij een afslag!
 
Die dag kwamen we dus minder ver dan verwacht. Gelukkig was er een guesthouse. De dag erop naar de Doi Ang Khang, volgens het reisboek 1300 meter hoog. Nou, dat bleken er 1750 te zijn. Eigenlijk wisten we al wel dat je als fietser niet al te veel op het reisboek moet vertrouwen. Maar onze derde dag fietsen, eerste klimdag sinds een jaar, resulteerde gelijk in 1750 hoogtemeters. En niet zomaar meters, de hellingspercentages varieerden tussen 12 en 27 procent. Ik weet nu van mezelf dat ik boven de 18 procent mijn fiets niet meer omhoog gefietst krijg. Maar er was nu een berg waar ik de fiets niet eens tegenop geduwd kreeg! Zelfs Jasper moest van de fiets af, dat had ik nog nooit eerder meegemaakt.
Maar wat een ontzettend mooi stuk Thailand! Groen, bloemen, vlinders, vogels, ongerept, fantastisch!
 
Ook de dagen erna waren mooi. Mae Salong met zijn theevelden theeplantages en Chinese achtergrond. Daar lekker Chinees kunnen eten. Mae Sai, het noordelijkste puntje van Thailand aan de grens met Burma. Daar woont een mooie mengelmoes van mensen en dat brengt een aparte sfeer met zich mee. En toen langs de machtige Mekong naar het drielandpunt van de 'Gouden Driehoek'.
 
En nu na bijna 600 km hebben een rustdag in Chiang Rai en bekijken we hoe we verder gaan.
 
 
September 2010
Inmiddels is het ticket geboekt. We gaan aan het einde van het jaar voor zes weken richting Azi?. Op 20 november vliegen we naar Chiang Mai in Thailand.
Het 'lichtjesfestival' is daar in volle gang als we daar aankomen. Dat is nog eens met de neus in de boter vallen.

We vertrekken vanuit Chiang Mai richting 'Gouden driekhoek', dan een stukje langs de Mekong naar Chiang Khong om daar de rivier over te steken en in Laos verder te fietsen. In Laos willen we via Luang Namtha naar Oudomxai en dan via Muang Khua en Muang May naar Dien Bien Phu in Vietnam.

Het idee voor Vietnam is dat we in het noorden blijven. Eerst in het noordwesten richting Sapa en dan richting noordoosten langs de grens met China. Een bergachtig gebied met veel bergvolkeren. Misschien aan het einde nog wat dagen in Halong of Hanoi, maar dan zien we nog wel.

De blauwe lijn op het kaartje vormt de route die we willen gaan rijden.





We denken dat we 'lichtgewicht' gaan reizen. Dat betekent dat we de tent en slaapmatjes niet meenemen. Maar het kookgerei waarschijnlijk wel, altijd handig voor onderweg. In Thailand zal dat niet nodig zijn, maar in Laos is onderweg zeker niet altijd evenveel voor handen. Vietnam kennen we nog niet, maar die hoek waar we willen fietsen, is zeker niet het dichtst bevolkte gebied.