Van Hanoi naar Kuala Lumpur

Kuala Lumpur, 8 maart
De fietsen worden nu ingepakt klaar om morgen naar Taipei te vliegen. Wij zijn er ook klaar voor. Het voelt alsof we aan een nieuw deel van onze reis beginnen. Na 10,5 duizend kilometer in het zuidoosten van dit continent, gaan we naar een nieuw, onbekend gebied. Taiwan en Japan staan al langer op ons verlanglijstje. Leuk om daar nu naar toe te gaan.
We zijn erg nieuwsgierig in ieder geval.
De laatste paar dagen hier naartoe waren niet heel spannend. Hoe dichter bij Kuala Lumpur, hoe moderner alles eruit ging zien en hoe meer hoogbouw.
Teluk Intan was nog leuk om naartoe te fietsen. We zagen mooie vogels en verschillende varanen onderweg. En een fijn verjaardagscadeau er was deze fietsdag, de bewolking, een keertje niet zo warm. In Teluk Intan hebben ze ook de Maleise toren van Pisa.
En via Kuala Selangor, bekend om de vuurvliegenkolonie, zijn we naar Klang gereden. Klang is de oude hoofdstad en van daaruit is Kuala Lumpur ontstaan. Belangrijker voor fietsers, daar start een fietspad/brommerpad dat je naar het centrum van Kuala Lumpur brengt.
De Petronas-towers doemen dan al snel op. Het verkeer is druk, maar het is wel te doen. Het is al even terug dat we in zo'n grote stad gereden hebben. Op het fietspad zijn ze met werkzaamheden bezig, dus het is regelmatig afgesloten, dan maar de grote weg op......
Kuala Lumpur is nog eens echt een multiculturele stad. Geen idee of iedereen elkaar accepteert, maar je ziet allerlei verschillende nationaliteiten: arabier tot Chinees. Ik kijk in ieder geval mijn ogen uit. Alhoewel wij hier het Chinatown het minste Chinatown vinden van die we gezien hebben.
We hebben hier nog allerlei zaken geregeld. Aanmelden van de gratis wifi van de overheid van Taiwan, kaarten voor Taiwan en Japan proberen te vinden en allemaal van dat soort zaken. Elke dag hebben we hier ook al fikse stortbuien en dat terwijl het regenseizoen nog niet eens begonnen is. 
Ook hebben we hier nog de Batu-grotten bezocht. Die liggen vlak boven Kuala Lumpur. Dit zijn belangrijke Hindoe-tempels. Dit was erg indrukwekkend.
Inmiddels zijn wij klaar voor een nieuw omgeving. Tot horens vanuit Taiwan!

Ipoh, 2 maart 
De laatste dagen in Thailand zijn leuk. Niets van het moderne en hippe Thailand of de toeristenplekken. Trang, La Ngu en Satun laten een mooi stuk traditioneel Thailand zien. Een mooie manier om dit land af te sluiten. Nog een paar maal heerlijk kunnen eten op een markt en een grote vriendelijkheid van de mensen ontmoet.
We verlaten Thailand via Wang Prachit, niet de meest gebruikte grensovergang, maar wel een mooie, want de weg loopt door een natuurpark.
We worden met een grote glimlach ontvangen in Maleisie. Dat voorspelt veel goeds. We werden gewaarschuwd voor een klim. Die was er ook, eventjes twee kilometer steil, maar daarna was het net zo  hard weer naar beneden. Hier was het nog groener dan in Thailand. We zagen de apen in bomen spelen: gibbons, mooie, slungelige apen. Door naar onze eerste stop: Kangar. Oeps. qua voorzieningen en standaard is het wel even een stap terug. Wat wel opvalt, is dat er veel mensen Engels spreken, dat is fijn. Ook is het Maleis te lezen en er zijn veel woorden die we herkennen. Makkelijk. Ook met eten: omdat we toch ook regelmatig Indisch eten, herkennen we veel. Via kleine weggetjes langs rijstvelden en langs de kust rijden we naar Alor Setar en later ook naar Butterworth. Er liggen veel smalle weggetjes die gebruikt worden voor werkverkeer. De kwaliteit ervan verschilt enorm, van goed asfalt tot gravel, maar het is wel leuk en rustig fietsen. We komen door kleine dorpjes, langs marktjes, havens, echt tof. En we zien allerlei beesten met als hoogtepunt toch wel de varanen van dikke 1,5 meter. Die liggen ook in het water mooi (naar ons?) te kijken.
Alor Setar heeft een mooie, eenvoudige moskee. Ook is het gezang van de imam daar erg goed. Daar zit ook heel erg veel verschil in.
En dan Georgetown op Penang. Dit is vooral Chinees, zij zitten hier al heel lang. Al hebben Jasper en ik het gevoel dat we af en toe terug zijn in India. Maar het koloniale Engelse wordt hier afgewisseld met oude Chinese handelspanden. De clans wilden hier vroeger ook allemaal hun eigen tempel hebben, dus er staan veel mooie oude tempels. Ook wilden ze een eigen ferry. Hier zat vroeger dus best veel geld. Nu moet erg nog heel veel gerestaureerd worden. Af en toe is dat al heel mooi gedaan, zoals het hotel waar we in verblijven: Sinkeh.
We zien ook een grote mix en verscheidenheid van mensen: moslim, hindoe, Chinees, Indiaas, het leeft hier allemaal met elkaar, maar veelal wel in aparte wijken in de stad. Ze mengen niet makkelijk.
We bezoeken ook het grootste boedhistische complex hier. Nog allemaal uitingen van het net gestarte Chinese nieuwe jaar. We rijden ook een rondje op Penang en zien zo nog wat meer van het eiland.
En de de keuken hier: wat een feest. Maleis, Indisch, Indiaas, Chinees, de keuze is groot. Laksa, een soort noedelsoep op garnalenbasis, nasi lemak, hokkien mee, oesteromelet, nasi kandar en zo kan ik nog wel even doorgaan. De dagen die we hier tot nu toe zijn, eten we elke dag geweldig.
Toch hebben we ook nog niet eerder in Azie zoveel KFC's en Pizzahutten gezien. Ach, voor elk wat wils.
Toch houden een wat gemixed gevoel over aan Georgetown. Mooi, maar het leeft en bruist niet echt.
We rijden daarna via kleine weggetjes naar Taiping. Een mooie route, heel groen, we zien veel apen en vogels. We komen een wereldfietser uit Maleisie zelf tegen. Die wacht hier alle fietsers op om een praatje te maken. Grappig, we worden getrakteerd op een kop ijsthee. Dat is hier erg lekker. Het is namelijk heel erg heet. De luchtvochtigheidsgraad is ook heel erg hoog. Die combi maakt het fietsen zwaarder. En die combi zorgt er ook voor dat mijn benen helemaal onder de eczeem zitten door de hitte. Niet prettig en doet nogal zeer. Koelen helpt, maar is wat lastig op de fiets.
En gisteren zijn we naar Ipoh gereden. Een mooi plaatsje, veel oude gebouwen. Een Georgetown in het klein met veel minder toeristen. Wel relaxed plaatsje. We blijven daarom vandaag hier nog. En dan rijden we in drie dagen naar Kuala Lumpur.
 
Koh Lanta, 17 februari
Vandaag zijn we aangekomen op Koh Lanta. Het is momenteel druk in dit deel van Thailand. Gisteren was het Chinese nieuwjaar, dus de Chinezen hebben vrij. En ook in Maleisie wordt dat gevierd, dus die lopen hier ook veel rond. Dat is hier eigenlijk net om de hoek.
Vanuit Huahin zijn we langs de kust afgezakt richting Chumphon. Daar hebben we de oversteek gemaakt naar de Andaman-kust. DIe oversteek is het smalste deel van de peninsula hier: Khra Istmus noemen ze dat. Myanmar is daar dan nog geen 100 meter weg. De rivier de Kraburi vormt de grens. In Ranong zie je ook allerlei invloeden uit Myanmar en ook veel mensen van daar. In die regio staan ook voor het eerst weer moskees. In dit deel van Thailand wonen duidelijk meer moslims. Ook het eten krijgt wat andere invloeden.
Na Kraburi volgen een paar mooie dagen door natuurparken. Als we in Khuraburi zijn weten we dat onze vrienden in Takuapa slapen. Dat is 55 km verder naar het zuiden. Jasper krijgt dan een appje: 'wedstrijdje doen?'....
Wij starten de volgende ochtend vroeg, We weten al dat zij rond half 10 willen gaan rijden. En dit raden jullie echt niet: we komen elkaar in Takuapa al tegen. Zij zien ons rijden en wij stoppen dan net bij een supermarkt. Dus ik sta bij de koffie te koekeloeren als ik ineens mijn naam hoor. Echt leuk!
We rijden dan samen door naar Khao Lak en hebben daar met zijn allen een rustdag. Uiteindelijk blijven we vijf dagen samen, want wij rijden nog met hen mee het eiland van Phuket op. We vonden dit echt heel bijzonder. Gezellig, leuk en inspirerend! Deze vrienden hebben we tijdens onze vorige lange fietsreis leren kennen. Toen waren zij ook op een lange fietsreis en nu dus ook weer, alleen reizen zij nu met hun twee zonen.
Na die vijf dagen vervolgen wij onze eigen weg. Vanuit het eiland van Phuket en strand van Patong, waar ze ons zeker nooit meer gaan zien, rijden wij via Phangnga tussen allemaal karstbergen door naar Krabi.
En nu zijn we aangekomen op Ko Lanta, bij aankomst ziet het er uit als een mooi groen eiland. HIer blijven we morgen nog. Daarna gaan we richting Maleisie via Trang en Satun. Als alles volgens planning gaat, gaan we over een dag of vijf de grens over. We hebben wel zin in een ander nieuw land, waar we 20 jaar geleden voor het laatst geweest zijn en ook nog niet gefietst hebben..
Internet is hier niet heel super, dus de beloofde foto's laten nog wat langer op zich wachten.
 
Ban Krut, 4 februari
Ons laatste nieuws kwam uit Laos. Inmiddels hebben we heel wat kilometers afgelegd in Thailand. We vertrokken vanuit Pakse via de brug over de Mekong. Deze friendshipbridge vormt hier niet de grens met Thailand, dus we moesten nog 40 kilometer door Laos fietsen voordat we Sawadee Thailand konden zeggen. Hier reden we naar Khong Chiam. Een klein plaatsje met een mooi uitzicht op de Mekong en de Mut Mee, deze twee rivieren komen hier samen en dat levert een hele aparte stroming met kolken op.
Daarna zijn we Isaan dwars overgestoken. We hebben niet veel bekeken, was heet 's middags en we waren hier al eerder geweest. Veel mooie tempels en Khmer-ruines. Vooral ook lekker eten. Maar wij wilden vooral ook kilometers maken richting Kuala Lumpur. Via Buriram en Khorat zijn we naar Chonburi gereden. Nog even getwijfeld of we dwars door Bangkok zouden rijden, maar we hadden wat gelezen over een nieuwe ferry tussen Pattaya en Huahin. Deze kreeg toch de voorkeur boven het drukke verkeer van Bangkok.
We zijn heel wat keren in Thailand geweest, maar nu dan voor het eerst toch naar Pattaya. Dat wat volgens mij ook gelijk de laatste keer, dat is niet echt onze plaats. Onze rustdag stelden we dus maar uit voor Huahin. De ferry ging super. Geen problemen met de fiets, gelukkig, want het was  van te voren niet helemaal duidelijk of die mee zouden mogen.
In Huahin zijn we een paar dagen gebleven. Een prettige plek, fijn strand, alles bij de hand. Zelfs goed gebakken, echt bruin brood bij de Duitse bakker vandaan. Heerlijk!
En nu zijn we weer onderweg. Verder richting Maleisie. We rijden nu de lange smalle punt van Thailand in en maken een oversteek naar de westkust. Daar gaan we eerst richting vrienden die ook in Thailand fietsen momenteel. Die gaan we als alles goed gaat volgende week aan de westkust ontmoeten. Leuk!
Volgende keer probeer ik weer wat foto's te plaatsen. 
 
Pakse, 20 januari
We rijden in Laos, maar we rijden Laos ook al weer bijna uit. De keuze in Vietnam was niet heel moeilijk. Het weer zat echt niet mee, 12-13 graden en helemaal grijs. We zijn via kustweggetjes naar Vinh gereden. Aan de kust daar is het echt al laagseizoen, maar toen wij daar reden was er ook echt niets open: het stormde. Zal niet zo hard hebben gewaaid als in Nederland de afgelopen stormen, maar het was niet fijn fietsen. Vanuit Vinh zijn we het binnenland ingereden naar de grens met Laos.
Dit stuk in Vietnam tot Vinh vonden wij het minst leuke om te rijden. Regelmatig pogingen om ons af te zetten en er was heel veel kabaal, geschreeuw en gedoe. De laatste dag was wel weer mooi, de grens ligt op een pas, dus daar mochten we naartoe klimmen. Dat was weer een groene wereld  met heuvels. We hadden ons al helemaal voorbereid op veel gedoe bij de grens, want dat hoorden we van iedereen. De Vietnamezen zouden 10 dollar vragen voor het uitstempelen, maar na goed afdingen hoefden de meeste fietsers maar 1 dollar te betalen. Niets, nada, noppes, geweldig, wij troffen een eerlijke douanebeambte. Fijn. 
Boven op die pas stond wel een hele gure wind. Het was geen 10 graden meer. We hebben daar zelfs weer onze sokken aan gedaan.
Laos in was geen probleem. En nu komt het mooiste: 10 kilometer Laos in en de temperatuur stijgt ook direct met 10 graden. Sokken weer uit! Voor het eerst sinds drie weken zagen we weer zon! En wat een andere wereld direct: geen brommertjes, geen getoeter, heerlijk rustig en relaxed.
In Laos komen we regelmatig fietsers tegen. Ook een keertje leuk, ervaringen en verhalen uitwisselen. We hebben een stuk van de Thakhek-loop gereden, populair bij toeristen op brommertjes, maar dat is ook een heel mooi stuk. Ze hebben in dat gebied een dam aangelegd en daarvoor een heel groot gebied onder water gezet. Ecologisch niet heel verantwoord, maar wel een mooi verdronken landschap. Levert plaatjes op die zo uit Lord of the Rings kunnen komen.
In Thakhek en Savannaketh staan veel oude pandjes uit de Franse tijd. Veel staan er op het punt van omvallen, een enkele is mooi opgeknapt. Maar wat dat betreft is er hier nog heel erg veel te doen. Laos hoort ook bij de armste landen ter wereld. De hoofdwegen zijn inmiddels geasfalteerd met steun van Japan en China, maar er liggen nog veel klei- en gravelwegen. Tien jaar geleden was er nog geen koud drankje te krijgen onderweg, want ze hadden nergens koelkasten toen, dat is wel veranderd. Ook qua accommodatie is er veel verbeterd. Er is veel meer aanbod, de kwaliteit is beter, er hangen nu bijvoorbeeld elektrische boilers en je hoeft je niet meer met een emmer te wassen.
Na Thakhek wordt het landschappelijk minder interessant. Nog wel een dag langs de Mekong kunnen fietsen, maar richting Pakse is het saai. Dit is ook het droogste gedeelte van Laos. Het is bijna altijd heet hier. We meten dan ook een dikke 40 graden op de fiets. Wat ook opvalt is dat er bijna niets op de Mekong gebeurt. SInds de Chinezen daar een dam in hebben gebouwd, is het waterpeil nogal gedaald en vrachtverkeer over de Mekong gaat nu vrijwel niet meer.
We rijden naar Pakse, want we wisten nog niet precies wat we wilden gaan doen, verder in het zuiden van Laos of toch richting Singapore.............
Gisteren de knoop doorgehakt: we rijden naar Kuala Lumpur. In maart vliegen we vanaf daar naar Taiwan. Vlucht is geboekt, nu kunnen we kilometers gaan draaien in Thailand.
Maar nu eerst nog Laos. Een prettig, relaxed land, mensen zijn vriendelijk. Het lijkt hier in het zuiden wel heel veel op Thailand. De voorzieningen zijn de afgelopen jaren veel verbeterd. De Laotianen zijn hier ook erg gericht op Thailand, ze worden wel Thai-wannabees genoemd.
Vandaag dus Pakse, morgen naar de grens. En dan rijden we Isaan in. Op naar de Thaise wereld.