Thailand
20 mei: Laatste dagen Bangkok
We zijn met de ouders van Ilse op 5 mei naar Luang Prabang gevlogen. We kwamen daar aan met geweldige regen. We waren even bang dat het weer dat we hier in Thailand hadden zich daar door zou zetten, maar dat bleek gelukkig niet het geval.
We zijn eerst lekker twee dagen in Luang Prabang gebleven, tempels bekeken, naar de Pak Ou grotten gegaan met de duizenden buddha's en voor de rest vooral rustig aan gedaan, want de overgang van Nederland naar Laos is groot.
Daarna zijn we naar Nong Kiaw gegaan. Een heel klein plaatsje, een slaperig dorpje aan een rivier, waar niet veel meer te doen is dan relaxen op de veranda van de hut en genieten van het uitzicht op de rivier en het dorpsleven. De dag erna wilden we in een keer door naar Pakbeng, maar dat lukte niet. Er ging bijna geen vervoer. De bus die uiteindelijk tegen de middag vertrok, die ging niet heel erg snel. De bus stopte erg vaak, bijvoorbeeld om inzittenden boodschappen te laten doen?!? En het ging steeds om dezelfde twee inzittenden, ha ha. Uiteindelijk haalden we een gemiddelde van 25 kilometer per uur en strandden we in Oudomxai. De dag erna dus maar door naar Pakbeng, waar we de volgende dag op de boot naar Luang Prabang zijn gestapt. Een dag over de Mekong dus, dat blijft mooi.
De verjaardagen van Jasper en Tineke (moeder van Ilse) hebben we in Luang Prabang gevierd. Daarna zijn we nog naar Vang Vieng en Vientiane geweest.
Afgelopen vrijdag hebben we de ouders van Ilse uitgezwaaid op het vliegveld van Bangkok. We blijven zelf nog een paar dagen hier. We moeten nog wat laatste dingen regelen voordat we naar Centraal-Azië vertrekken. Nog wat laatste dingen gekocht. De fietsen hebben een groot onderhoudbeurt gehad; nieuwe banden, nieuwe tandwielen en kettingen, de zadels in het vet en nog even een poetsbeurt. Morgen nog wat inentingen halen en dan vertrekken we dinsdag naar Oezbekistan. Daar begint het volgende gedeelte van de reis.
4 mei: 8 maanden onderweg
Inmiddels zijn we 8 maanden van huis weg. Dat gevoel hebben we echt niet. Maar het is wel erg leuk dat morgen de ouders van Ilse komen en we ook met hun kunnen bijpraten.
Dan hebben we weer twee weken vakantie. Deze keer gaan we dan naar Laos.
We zijn nu weer in Bangkok. De afgelopen weken hebben we richting zuiden van Thailand gereden. Na Chumphon zijn we verder afgezakt naar Surat Thani. Daar zijn we naar de kust gereden bij Khanom. Daar ligt een hele mooie baai, net of er een stukje van Ko Samui ofzo is afgehakt en daar is neergelegd. Alleen het is veel en veel rustiger dan Samui. We hebben daar amper buitenlanders gezien.
Het weer was daar al niet zo heel geweldig. En we zagen boven Samui al hele donkere buien hangen. De dag dat we weg gingen uit Khanom hebben we een paar keer staan schuilen voor de regen, maar die dag ging nog wel. Daarna hebben we 4 dagen echt alleen maar hoosbuien gehad. We gingen naar Hua Hin terug omdat we vanuit daar naar Bangkok op en neer konden voor het Oezbeeks visum en dan konden we daar nog even aan het strand luieren en zwemmen. Zwemmen had zeker gekund, alleen dan op de straat, want die stond blank. We zijn toen wel op en neer gegaan naar Bangkok voor het visum. Dat zouden we dan drie dagen later op kunnen pikken, dus dat kwam heel mooi uit. Konden we allemaal precies regelen voordat we naar Laos gaan. En op de website van de Oezbeekse ambassade stond ook echt heel duidelijk: 7 of 3 dagen en we leveren nooit gelijk een visum. En wat schetst onze verbazing, we krijgen het visum 'on the spot' mee. Zonder extra betaling! Dat was wel heel erg prettig. Vanochtend ook tickets naar Tashkent geregeld, dus we zijn nu klaar voor Centraal-Azië.
Maar eerst gaan we morgenochtend vroeg de ouders van Ilse ophalen op het vliegveld. We vliegen dan snel door naar Luang Prabang. Even twee weken wat mooie dingen in Laos bekijken.
20 april: Op weg naar zuid Thailand
Het is al weer eventjes terug, maar we zijn nog steeds in Thailand. Met de ouders van Jasper hebben we twee weken wat dingen in het noorden van Thailand bekeken. We zijn naar Sukhothai geweest. De oude hoofdstad van Thailand. Daar hebben ze erg mooie oude tempels. We zijn naar Mae Sod geweest aan de grens met Burma. Het was grappig om te zien hoeveel Burmese invloeden daar toch zijn. De sfeer was gelijk heel anders.
Daarna zijn we doorgereisd naar Lampang. Dat vonden we een erg leuk plaatsje; veel oude houten huizen en heel veel groen. Daar hebben we een olifantenreservaat bezocht. Die beesten blijven geweldig imposant. En het is zeer indrukwekkend hoe intelligent die beesten zijn en wat je ze allemaal aan kunt leren. En Chiang Mai vormde de laatste plaats in het noorden. Daarna terug naar Bangkok. En toen waren de twee weken met de ouders van Jasper al weer om. De tijd vloog. Gelukkig hebben ze er wel van genoten. Volgens mij was voor de vader van Jasper het hoogtepunt de rit op de olifant, maar de Thaise massage volgt daar dicht achteraan.
Na hun vertrek hebben wij de bus naar Kanchanaburi genomen. Daar zijn we op de fiets gestapt richting het zuiden. We wilden richting Hua Hin. Songkram kwam eraan. Songkram is het Thaise nieuwjaar, dat bestaat uit drie dagen water en talkpoeder gooien. Ze staan dan echt met regentonnen vol water langs de weg en iedereen die langs komt, die is nat. En als fietser ben je dan natuurlijk helemaal een leuk mikpunt. We wilden die dagen dus niet fietsen! Bovendien wordt er die dagen erg veel gedronken en dronken gereden. Dat weekend heeft altijd erg veel ongelukken. Een reden te meer om niet op de fiets te stappen.
Songkram hebben wij dus in Hua Hin doorgebracht. Hua Hin is een grote badplaats, waar normaal meer Thai zitten dan buitenlanders. Ondanks de massa's mensen doet het nog wel vriendelijk aan. En ze hebben een mooi groot strand, dus je merkt niet dat het zo druk is. Songkram was dus wel vochtig voor ons, maar vooral door het zeewater.
Afgelopen maandag zijn we weer op de fiets gestapt. We zakken nu verder langs de kust af naar beneden. En doen onderweg allemaal kleine vissersdorpjes en strandjes aan, waar je bijna geen buitenlanders tegen komt.
Dinsdag een leuke verrassing. Ben je Songkram redelijk droog doorgekomen, hebben ze in Ban Krud besloten om er nog maar een paar dagen Songkram aan vast te plakken; dus een nat pak en onder de talkpoeder. Gelukkig is het warm weer en maakt dat niet zo uit.
We rijden de laatste dagen tussen de kokosnoot- en palmolieplantages. We zien heel erg veel kevers, tropische vogels en slangen. De laatste zien we vooral dood op de weg liggen. Volgens ons worden die express aangereden als ze over de weg kruipen. Maar zo kunnen wij veel verschillende soorten onderscheiden. We hebben bijvoorbeeld een hele dikke python gezien (een van de weinige soorten die ik herken).
Verder is het eten hier aan de kust erg goed, althans als je van vis en zeedieren houdt. Wij gelukkig wel en we genieten er in ieder geval goed van! En dat blijven we de komende dagen zeker ook nog doen. Wij gaan nog verder afzakken, voordat we terug moeten naar Bangkok om ons Oezbeeks visum te regelen.
Tot horens!
27 maart: Fietsen in Bangkok
Maar twee fietsdagen gehad in Thailand deze keer. Eentje was door het smalste gedeelte van Thailand van de grens naar Trat. Daar was het wel erg mooi, heel erg groen. En de andere dag liep de weg van Trat naar Chantaburi door de fruitgaard van Thailand. Heel veel fruitbomen: we weten nu ook hoe ramboetans, durian, jackfruit en mangosteen groeien. De dragonfruit hebben we ook gezien, dat blijkt bijvoorbeeld een cactusvrucht te zijn en die hangt aan de stengels, net als bij een lidcactus.
En wel grappig; we komen al vele jaren in Azië en we hebben de jackfruit al lang terug voor het eerst gezien. Maar hij ziet er eigenlijk niet zo lekker uit en hij ruikt niet zo lekker. Nu hebben we hem toch maar eens geprobeerd: blijkt hij dus echt heel erg goed te smaken!
Vanuit Chantaburi hebben we de bus naar Bangkok genomen. We wilden niet via al die grote wegen Bangkok in rijden. En zelfs op zondagochtend staat het verkeer hier vast! Het is echt gigantisch druk. Maar vanaf het busstation zijn we wel gaan fietsen naar de wijk met de hotels (nog steeds een dik uur fietsen). En op zich was dat nog wel te doen. Het is geweldig druk, maar ze houden zich hier wel aan verkeersregels en letten op elkaar. Als je de stroom dus volgt, is het wel te doen (alleen die uitlaatgassen!).
Hier rond Khaosanroad is het druk. Er zijn hier heel erg veel toeristen, nog meer dan we verwacht hadden. Het wordt er hier zeker niet beter op, het circus wordt steeds groter.
De fietsen gaan nu twee weken de opslag in en wij gaan in tijd met de ouders van Jasper rondreizen. We hebben dus ook even vakantie.
4 maart: Rondje Khmer-tempels
Het is een beetje saai fietsen in Isan. Het is heel droog en dor, niet gek met deze temperaturen. En het is heel vlak. We keken dan ook uit naar Phimai. Dat bleek ook een mooi tempel te zijn, die zeker niet in Angkor Wat zou misstaan. Klein, maar mooi gerestaureerd. In Phimai hadden we ook een hotel met een zwembad. Dat was een luxe! Zijn we ook een dag extra voor gebleven. Daarna doorgereden naar de volgende Khmer-tempels, die van Nang Rong. De tempel vonden we iets minder mooi dan die van Phimai, maar wat een locatie!! De tempel ligt op een heuvel, zodat je echt alle kanten uit kunt kijken, echt fantastisch. Daarna door naar Aranya Prathet. Dat ligt aan de grens met Cambodja. Geen interessante plaats, echt een grensstadje.
Vonden we het leuk in Thailand? Eigenlijk was het heel relaxed fietsen hier. De mensen zijn heel vriendelijk, het eten is geweldig, de wegen zijn goed, de hotels en guesthouses zijn meestal oke. Dit is toch wel het echte Thailand en niet het toeristische Thailand van de eilanden. Is wel erg leuk om kennis mee te maken.
We komen dan ook nog terug in Thailand, maar we gaan eerst de grens over naar Cambodja. Lees daar dus verder.
17 februari: Help, ze rijden hier links.......
Het begint als als we de Friendsshipbridge tussen Laos en Thailand over fietsen: we moeten links gaan rijden....... De eerste paar dagen is dat goed wennen. Als we ergens vertrekken of plotseling moeten reageren, dan doe je dat toch heel automatisch en zijn we heel erg rechts georienteerd. Maar het went...... Nu naar een week fietsen, gaat het beter.
We zijn eerst een stukje langs de Mekong naar het westen gefietst: van Nongkhai naar Chiang Khan. Dat is een erg mooi stuk om te fietsen: leuke plaatsjes onderweg en hele mooie uitzichten. Dit is voor ons ook niet het typische Thailand dat we eerder gezien hebben op bijvoorbeeld de eilanden. Het is super relaxed. Mensen zijn heel vriendelijk en ze spreken voor Thai ook goed Engels. In Chiang Khan in een heel leuk guesthouse geslapen, was van een kunstenaar. Hij had er ook erg mooie dingen hangen. Enkele schilderijen zouden we zo mee willen nemen, dan zijn de fietstassen toch minder handig.
Van Chiang Khan zijn we naar het zuiden gaan rijden, naar Loei en Chumphae. Niet hele spannende plaatsen. Wel onze langste dagtrip gemaakt. Dat gaat hier op zich ook makkelijker. We maken hier de kilometers wat makkelijker. Het is vrij vlak, dus je kunt hier goed tempo houden. Het grootste probleem is hier echt de hitte. Het is echt ontzettend heet geworden inmiddels. Om 8.30 uur is het al zo'n 35 graden en dat loopt op naar zo'n 45 graden tussen de middag. We stoppen niet zo zeer vaker, maar wel langer. We moeten dan echt afkoelen. En dan is het geweldig fijn dat ze hier bijna overal ijsklontjes hebben, die werken dan erg goed. En allebei weer wat litertjes water wegkloeken en dan gaan we weer verder. En als we weer 10 kilometer gereden hebben, hebben we weer dorst........
Japs ziet er inmiddels ook echt uit als een wielrenner na de Tour de France, qua gebruinde kleur dan.
We beginnen nu 's ochtends vroeg, zodat we rond de middag al veel kilometers gemaakt hebben. Wat echt weer heerlijk is, is het Thaise eten.
En we hebben een geweldige aankoop gedaan: een waterkoker. Ja, niet lachen. We reizen dan wel lichtgewicht, maar die waterkoker is een echt handig. Het brandertje kun je niet overal aansteken (vinden ze niet altijd leuk in een hotel of guesthouse) en stroom hebben ze hier overal. We zijn verwend door China, waar je in elk hotel kannen met heet water kreeg of er stond een waterkoker op de kamer.
Inmiddels zijn we in Mahasarakham aangeland. We gaan nu op weg naar de tempelcomplexen van Phimai en Phanom Rung. Daar zijn we erg benieuwd naar.
|